2026 brengt verschillende belangrijke wijzigingen met zich mee op het gebied van HR, salarisadministratie en werkgeverschap. Zo stijgt het minimumloon, verandert het gebruikelijk loon voor DGA’s, gelden nieuwe regels voor de bijtelling van elektrische auto’s en youngtimers en wordt de handhaving op schijnzelfstandigheid strenger.
Ook de onbelaste kilometervergoeding is gedurende 2026 verhoogd.
Wat betekenen deze HR-wijzigingen voor jou als werkgever? Hieronder zetten we de belangrijkste veranderingen in 2026 op een rij.
1. Gebruikelijk loon DGA stijgt naar €58.000
Het normbedrag binnen de gebruikelijkloonregeling voor directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) is in 2026 gestegen van €56.000 naar €58.000 per jaar.
Dat betekent niet automatisch dat iedere DGA precies €58.000 salaris moet ontvangen.
Het gebruikelijk loon moet in beginsel minimaal het hoogste bedrag zijn van:
- het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
- het loon van de meestverdienende werknemer binnen de BV of een verbonden vennootschap;
- €58.000.
Kun je aannemelijk maken dat voor de meest vergelijkbare werkzaamheden een lager loon gebruikelijk is? Dan kan onder voorwaarden een lager gebruikelijk loon mogelijk zijn.
Heb je een BV? Controleer daarom of het DGA-salaris in de salarisadministratie voor 2026 nog aansluit bij de gebruikelijkloonregeling.
Meer weten? Lees onze blog over het DGA-salaris en gebruikelijk loon in 2026.
2. Wettelijk minimumloon stijgt in 2026
Het wettelijk minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder is per 1 januari 2026 gestegen van €14,40 naar €14,71 bruto per uur.
Ook de minimumjeugdlonen zijn aangepast.
Per 1 juli 2026 is het minimumuurloon opnieuw geïndexeerd. Vanaf die datum bedraagt het minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder €14,99 bruto per uur.
Voor werknemers van 15 tot en met 20 jaar gelden daarvan afgeleide minimumjeugdlonen.
Voor werkgevers betekent dit dat het verstandig is om niet alleen de salarissen van medewerkers op het minimumloon te controleren. Ook salarisschalen die vlak boven het minimumloon liggen, kunnen door de verhoging aandacht nodig hebben.
3. Onbelaste kilometervergoeding stijgt naar €0,25 per kilometer
Aan het begin van 2026 bedroeg de maximale onbelaste kilometervergoeding nog €0,23 per kilometer.
In mei 2026 is deze vergoeding verhoogd naar €0,25 per kilometer. Deze verhoging mag met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 worden toegepast.
Werkgevers kunnen daardoor maximaal €0,25 per zakelijke kilometer onbelast vergoeden.
Dit kan onder andere gelden voor:
- woon-werkverkeer met eigen vervoer;
- zakelijke kilometers met een privéauto;
- zakelijke kilometers met andere eigen vervoermiddelen.
Heb je in de eerste maanden van 2026 €0,23 per kilometer vergoed? Dan kan het interessant zijn om te beoordelen of je het verschil van €0,02 alsnog aan medewerkers wilt vergoeden.
Let op: €0,25 is het maximale bedrag dat binnen deze gerichte vrijstelling onbelast kan worden vergoed. Een werkgever is niet automatisch verplicht dit maximale bedrag te betalen. Arbeidsvoorwaarden en een eventuele cao kunnen hierover aanvullende afspraken bevatten.
4. Bijtelling elektrische auto’s verandert in 2026
Ook voor de auto van de zaak zijn er wijzigingen.
Voor volledig elektrische auto’s met een datum van eerste toelating in 2026 geldt in beginsel:
- 18% bijtelling over de eerste €30.000 van de cataloguswaarde;
- 22% bijtelling over het gedeelte van de cataloguswaarde boven €30.000.
Voor auto’s met CO₂-uitstoot geldt in 2026 in beginsel een bijtelling van 22%.
Voor bepaalde nulemissieauto’s, waaronder auto’s op waterstof en kwalificerende zonnecelauto’s, gelden afwijkende regels waarbij het verlaagde percentage niet beperkt is tot de eerste €30.000.
Het bijtellingspercentage dat bij eerste toelating wordt vastgesteld, geldt in beginsel gedurende een periode van 60 maanden.
5. Youngtimerregeling wordt versoberd
Ook de youngtimerregeling verandert in 2026.
Tot en met 2025 kon de regeling worden toegepast zodra een auto ouder was dan 15 jaar. Vanaf 2026 is deze leeftijdsgrens verhoogd naar ouder dan 16 jaar.
Voor auto’s die onder de youngtimerregeling vallen, bedraagt de bijtelling 35% van de waarde in het economisch verkeer in plaats van een percentage over de oorspronkelijke cataloguswaarde.
Er geldt een overgangsregeling voor auto’s die op 31 december 2025 al ouder waren dan 15 jaar en toen onder de regeling vielen.
Vanaf 2027 wordt de regeling verder beperkt: dan geldt de regeling voor auto’s die ouder zijn dan 25 jaar.
Werkgevers en DGA’s die gebruikmaken van een oudere auto van de zaak doen er daarom goed aan om opnieuw te controleren welke bijtelling van toepassing is.
6. Handhaving op schijnzelfstandigheid wordt strenger
Werk je met zzp’ers? Dan blijft schijnzelfstandigheid in 2026 een belangrijk aandachtspunt.
Sinds 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium opgeheven. De Belastingdienst kan daardoor bij schijnzelfstandigheid weer correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen loonheffingen opleggen.
Vanaf 1 januari 2026 is de handhaving verder aangescherpt. De Belastingdienst kan in 2026 ook weer vergrijpboetes opleggen. Verzuimboetes worden in 2026 nog niet opgelegd voor de kwalificatie van arbeidsrelaties.
De Belastingdienst kan bij een correctie in beginsel teruggaan tot 1 januari 2025. Bij kwaadwillendheid of het niet opvolgen van een eerdere aanwijzing kan onder omstandigheden verder worden teruggekeken.
Voor organisaties die zzp’ers inhuren is het daarom belangrijk om niet alleen naar het contract te kijken, maar vooral naar hoe er in de praktijk wordt gewerkt.
Denk bijvoorbeeld aan vragen als:
- Kan de zzp’er zelf bepalen hoe het werk wordt uitgevoerd?
- Is er sprake van aansturing of gezag?
- Werkt de zzp’er op dezelfde manier als werknemers?
- Loopt de zzp’er ondernemersrisico?
- Kan de zzp’er zich laten vervangen?
- Werkt de zzp’er ook voor andere opdrachtgevers?
De feitelijke arbeidsrelatie is uiteindelijk bepalend.
7. ET-regeling wordt in 2026 versoberd
Werkgevers met internationale werknemers kunnen te maken krijgen met de extraterritoriale kostenregeling (ET-regeling) en de expatregeling, ook bekend als de 30%-regeling.
Vanaf 2026 kunnen bepaalde kosten niet langer als werkelijke extraterritoriale kosten belastingvrij worden vergoed.
Dit geldt onder andere voor:
- extra kosten voor levensonderhoud door een hoger prijspeil in Nederland;
- extra niet-zakelijke gesprekskosten met het land van herkomst.
Andere kwalificerende extraterritoriale kosten kunnen onder voorwaarden nog wel belastingvrij worden vergoed.
Werkgevers die gebruikmaken van de expatregeling moeten bovendien jaarlijks kiezen tussen toepassing van de expatregeling of vergoeding van de werkelijke extraterritoriale kosten.
Voor de expatregeling geldt in 2026 een maximale belastingvrije vergoeding van €78.600.
Werk je met internationale medewerkers? Lees dan ook onze uitgebreide blog over de ET-regeling.
8. Pensioenregelingen en de Wet toekomst pensioenen
De overgang naar het nieuwe pensioenstelsel gaat in 2026 verder.
Op grond van de Wet toekomst pensioenen (Wtp) moeten pensioenregelingen uiterlijk per 1 januari 2028 zijn aangepast aan het nieuwe pensioenstelsel.
Veel pensioenregelingen worden gedurende 2026 al overgezet.
Voor werkgevers kan de overgang onder andere gevolgen hebben voor:
- de pensioenregeling;
- de verdeling van de pensioenpremie;
- compensatieafspraken;
- communicatie richting medewerkers;
- salaris- en HR-administratie.
Heb je personeel met een pensioenregeling? Controleer dan bij je pensioenuitvoerder of adviseur wanneer jouw regeling overgaat en welke acties van jou als werkgever worden verwacht.
9. Cao-wijzigingen kunnen gevolgen hebben voor salarissen en arbeidsvoorwaarden
Naast landelijke wet- en regelgeving kunnen in 2026 ook wijzigingen binnen een cao gevolgen hebben voor je personeelsadministratie.
Nieuwe of gewijzigde cao-afspraken kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op:
- salarisverhogingen;
- toeslagen;
- reiskosten;
- pensioenpremies;
- verlof;
- werktijden;
- thuiswerkvergoedingen;
- andere arbeidsvoorwaarden.
Valt je organisatie onder een cao? Controleer dan gedurende het jaar of nieuwe afspraken gevolgen hebben voor de salaris- en personeelsadministratie.
Wat moeten werkgevers in 2026 controleren?
Door de verschillende HR-wijzigingen is 2026 een goed moment om je salaris- en personeelsadministratie opnieuw te controleren.
Denk in ieder geval aan:
- Is het DGA-salaris nog juist vastgesteld?
- Voldoen alle salarissen aan het actuele minimumuurloon?
- Is de kilometervergoeding correct verwerkt?
- Klopt de bijtelling voor auto’s van de zaak?
- Vallen gebruikte youngtimers nog onder de regeling?
- Zijn zzp-opdrachten beoordeeld op mogelijke schijnzelfstandigheid?
- Wordt de ET-regeling correct toegepast?
- Zijn er wijzigingen in de pensioenregeling?
- Zijn actuele cao-wijzigingen verwerkt?
Door deze punten tijdig te controleren, voorkom je correcties achteraf en weet je zeker dat je HR- en salarisadministratie aansluit op de actuele regels.
Veelgestelde vragen over HR-wijzigingen in 2026
Wat is het minimumloon in 2026?
Het wettelijk minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder bedraagt vanaf 1 januari 2026 €14,71 bruto per uur. Vanaf 1 juli 2026 is dit verhoogd naar €14,99 bruto per uur.
Wat is het gebruikelijk loon voor een DGA in 2026?
Het normbedrag binnen de gebruikelijkloonregeling bedraagt in 2026 €58.000. Het daadwerkelijke gebruikelijk loon kan hoger zijn als bijvoorbeeld het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking hoger ligt.
Hoe hoog is de onbelaste kilometervergoeding in 2026?
De maximale onbelaste kilometervergoeding is gedurende 2026 verhoogd van €0,23 naar €0,25 per kilometer. De verhoging mag met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 worden toegepast.
Wat is de bijtelling voor een elektrische auto in 2026?
Voor een reguliere volledig elektrische auto die in 2026 voor het eerst wordt toegelaten, geldt 18% bijtelling over de eerste €30.000 van de cataloguswaarde en 22% over het meerdere.
Vanaf welke leeftijd geldt de youngtimerregeling in 2026?
In 2026 geldt de youngtimerregeling in beginsel voor auto’s die ouder zijn dan 16 jaar. Er geldt een overgangsregeling voor bepaalde auto’s die eind 2025 al onder de oude regeling vielen.
Worden er in 2026 boetes opgelegd bij schijnzelfstandigheid?
Vanaf 1 januari 2026 kan de Belastingdienst bij schijnzelfstandigheid weer vergrijpboetes opleggen. Over kalenderjaar 2025 worden voor de kwalificatie van arbeidsrelaties geen boetes opgelegd. Naheffingen kunnen in beginsel wel teruggaan tot 1 januari 2025.
Wanneer moeten pensioenregelingen zijn aangepast aan de Wtp?
De uiterste transitiedatum voor de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel is 1 januari 2028. De daadwerkelijke overgang kan voor een pensioenregeling al eerder plaatsvinden.
Goed voorbereid op de HR-wijzigingen van 2026
De HR-wijzigingen van 2026 raken verschillende onderdelen van het werkgeverschap: van salaris en reiskosten tot auto’s van de zaak, internationale medewerkers, zzp’ers en pensioen.
Het is daarom belangrijk om gedurende het jaar te controleren of je salaris- en personeelsadministratie nog aansluit op de actuele regelgeving.
Bij Tribus kunnen we je ondersteunen bij onder andere:
- salaris- en personeelsadministratie;
- het toetsen van het DGA-salaris;
- HR-advies en begeleiding;
- toepassing van HR- en salariswijzigingen;
- signalering van relevante ontwikkelingen voor werkgevers.
Wil je weten wat de HR-wijzigingen in 2026 concreet voor jouw organisatie betekenen? Neem contact met ons op. We kijken graag met je mee.